zet StripSter bij je favorieten  zet StripSter bij je favorieten  --> Artikelen

27 februari 2012



Santiago Martín in gesprek met Brutin & Cruyssaert

Naam:Peter Brutin & Matthias Cruyssaert
Woonplaats:Peter:       Zulte
Matthias: Zarlardinge
Geboren:Peter:       Menen 1969
Matthias: Sint-Niklaas 1973
Horoscoop:Peter:       Komkommer
Matthias: Wortel
Opleiding:Peter:       Scenograaf
Matthias: Meester in de Beeldende Kunsten,optie Vrije Grafiek
Beroep:Peter:       Leraar striptekenen
Matthias: Leraar striptekenen, leraar beeldende vorming
Strips:Peter:
  • Bone van Jeff Smith: Een klassieker, in de geest van Tolkien, fantastisch grappige personages, een zeer efficiënte slechterik, een knappe griet, een geweldige setting! Een prachtig voorbeeld hoe je als verhalend talent toch kan bovendrijven zonder uitgevers! Haha!
  • De Incal van Moebius en Jodorowsky. Een epische klassieker met een gezonde dosis waanzin. Mooie tekeningen van Moebius.
  • Casper en Hobbes van Bill Waterson.
    Matthias:
  • Bravo Brothers, kortverhaal met Robbedoes, Kwabbernoot en Guust Flater. Verscheen samen met Hommeles in Rommelgem in albumvorm. Franquin in meestervorm.
  • Jonathan, Blootvoets onder de rododendrons van Cosey. Heerlijke geiten-wollen-sokken-nostalgie.
  • ZOO 1 van Frank. Nog net iets subliemer dan zijn Ragebol.
  • Muziek:Peter:
  • Signals van Rush, Tijdloos. Epische mix van rock en synths.
  • 2112 van Rush: snedigste intro aller tijden.
  • Doctor Who van Gold: speelse en meeslepende score voor een te gekke serie. Meesterwerk!
    Matthias:
  • Desintegration van The Cure, een mooie mengeling van donkere New Wave en dartele pop. Hun Meesterwerk!
  • Achtung Baby van U2, waarop ze in hun experimenteerdrift net niet uit de bocht gaan en pardoes een meesterwerk maken. Nog wat anders dan de plastieken stadium-pop die Bono en co tegenwoordig uitkakken.
  • New Gold Dream van de vroege Simple Minds. On-over-troffen! Die prutsers van Rush, een naam die klinkt als een scheet, kunnen hier nog een puntje aan zuigen.
  • Films:Peter:
  • De Lord Of The Rings trilogie van Peter Jackson. Vanwege obvious reasons.
  • Doctor Who, seizoen 5. Een mix van ADHD waanzin, humanisme, scifi, surrealisme en het is groter van binnen dan het er aan de buitenkant uitziet.
  • Battlestar Galactica, de nieuwe series. Sublieme poëtische Space Opera.
    Matthias:
  • Once upon a time in the West, niet zomaar een western, maar simpelweg de beste film aller tijden. Frwiee-frwiee-frwiee-Frwieee (probeert mondharmonica na te bootsen, maar faalt genadeloos).
  • My life as a dog, Deense jeugdfilm van Lasse Halmstrung, en nog wat puntjes op de klinkers. O Zoete Melancholie...
  • A room with a View van James Ivory, met een piepjonge Helena Bonham Carter(RRRR).











  • Kun je iets over je ontwikkeling als (strip)tekenaar vertellen?
    Peter:
    Ik teken al strips sinds mijn vorig leven, toen ik nog voer op de IJslandvaarder de Zilte Kanarie, dat was in 1821. Kortom, al heel lang bedrijf ik de edele kunst der striptekenen. Ik heb veel geëxperimenteerd met verschillende technieken zonder duidelijkheid te krijgen wat nu het beste is. Met Matthias te ontmoeten is daar meer duidelijkheid ingekomen. Hij heeft me heel erg warm gemaakt voor de aquareltechniek.
    Mijn oudste publicatie was in het plaatselijke blad van de jeugdclub, drie strips over een plantaardig meisje dat probeert te integreren in de maatschappij, ik moet veertien geweest zijn of zo. Lang daarna had ik een opdracht voor een vijftig jarig jubileum van een grote speelpleinwerking van Kortrijk. Een strip van 25 blz.: De avonturen van Staf en Chippo in de Warande. Ik was dan al 28. Ondertussen nog wat werk gemaakt, vooral kortverhalen, zonder echt doel, behalve de zoektocht naar de juiste techniek.
    In het midden van de jaren 90 had je plots de pc met Photoshop. Ik heb me daar een tijdje in verdiept, vooral voor de inkleuringen, maar niets gaat boven aquarel om in te kleuren! Dus gebruik ik de computer vooral om nog wat te lay-outten en voor de teksten. De teksten van de Commissaris daarentegen zijn wel met de hand gezet door de voortreffelijke Matthias Cruyssaert! Een wonderbaarlijke medewerker in de beeldverhaallistische exploitatie!
    Matthias:
    Ik ben begonnen met Jommeke. Jef Nys verdient geen standbeeld maar een mousoleum. Heeldere nieuwe belevenissen van Jommeke kwamen uit mijn stylo gevloeid. Tot het tijd werd voor een eigen held, JO genaamd, die toch wel een aantal jaren van mijn jeugd heeft bepaald. Enfin, het virus is me blijven achtervolgen, tientallen bezoeken aan psychologen ten spijt. Op school stonden mijn cursusbladeren vol met onnozele ventjes, en tijdens mijn Vrije Grafiek-periode kreeg ik het aan de stok met de jury, die zich afvroeg waarom ik een hoge, verheven kunstvorm als grafiek combineerde met zoiets entartet als striptekenen. Ontgoocheld als ik was, heb ik een aantal jaren geen potlood meer aan geraakt.
    Eens terug in gang geschoten heb ik me vooral op cartoons gegooid, die onder andere in Klasse voor Jongeren (Vlaams ministerie van Onderwijs) verschenen, en allerhande losse illustratie-opdrachten. Met het ontmoeten van de heer Brutin, is de liefde voor de strip in alle hevigheid terug los gebarsten, met Commissaris Moordenaar als gevolg. Verder werk ik ook aan andere reeksen, met ietwat andere technieken, maar altijd zeer ambachtelijk: Die computer komt er bij mij niet in. Dat is dan ook meteen het antwoord op de vraag wat ik op stripgebied wil bereiken: Publicaties van mijn strips, zonder al teveel toegevingen aan de tijdsgeest en de heersende normen. Bij deze: Commissaris Moordenaar is GEEN, ik herhaal; GEEN 'Graphic Novel'. Ik dank u.


    Waarom zeg je met zoveel nadruk dat Commissaris Moordenaar GEEN Graphic Novel is? Heb je een hekel aan dat woord?
    Peter:
    Pfff, er wordt toch wel zwaar misbruik gemaakt van dat woord. Alles is tegenwoordig een graphic novel, je publiceert een scheet en het is een graphic novel. Strip is zoveel meer dan dat. Zelfs de meest nederige kinderstrip maakt gebruik van de magie die eigen is aan strip, namelijk het onzichtbare dat gebeurt tussen twee prentjes in, de meest eenvoudige strip kan met statische beelden tijd evoceren. Dat is toch ronduit surrealistisch en waanzinnig prachtig. Dat Graphic Novels pretenderen een stapje hoger te staan dan al de rest daar heb ik echt het schijt aan, strip gaat over zoveel meer dan wat intellectueel geleuter om te vergoelijken dat ze iets een Graphic Novel heten.
    De pseudo stripliefhebbers die daar de mond van vol hebben en hoe dat gelanceerd wordt door bepaalde media. Brrr. Pas op, er zijn wel mooie strips waar het woord Graphic Novel op gestampt staat, maar er zit dan ook veel materiaal tussen die eerder past in een kunstacademie. Ik kan het weten want ik werk in zo'n afdeling. Maar we schieten daar niet te pas en te onpas met het woord -dat ik niet meer in de mond wil nemen- in de lucht.


    Hoe heb je StripSter ontdekt?
    Peter en Matthias:
    Met onze lichamen. Het zit namelijk zo, daar hangt een oor aan. Dat oor ontvangt geluiden en die geluiden kwamen uit de mond van Henk van StripSter, die op de laatste editie van het stripfestival in Turnhout ons een audiëntie verleende! Aldaar werd duidelijk dat StripSter bekend was met onze strip: Commissaris Moordenaar. Henk was tuk op publicatie van de Commissaris op StripSter en na wat overpeinzing en bezinning zijn we graag op dat aanbod ingegaan.


    Als ik het goed begrijp uit een interview uit Stripelmagazine, tekenen jullie beiden het verhaal van de Commisaris. Hoe gaat dat in de praktijk van alledag?
    Peter:
    Zonder buitensporig geweld, gelukkig. In eerste instantie zitten we samen te keuvelen over het scenario. Ik krabbel dan wat aan een zeer ruw storyboard. Thuisgekomen werk ik voor een aantal specifieke scenes de dialogen uit waarop Matthias met die gegevens een net storyboard maakt. En dan beginnen we aan de platen. We werken vrij klein, een A4 formaat. Matthias tekent al jaar en dag de Commissaris, Van Neuzel, de inbrekers enz… en ik teken de knappe grieten, hier en daar de bijpersonages, de decors. De droomscenes op zwart papier zijn hoofdzakelijk van mijn hand, behalve de Commissaris en Giovanni.
    We geven wekelijks een plaat aan elkaar door die we aanvullen in potlood. We inkten in viltstift en dan kleuren we in. Matthias de meeste personages en ik de meeste decors. Het is allemaal niet zo strak afgelijnd, ik heb op een blauwe maandag ook wel eens de commissaris aangeschetst en hij tekent sporadisch ook wel eens een decor. De teksten zet hij dan met vastberaden hand op de plaat en uiteindelijk scan ik fluitend het zaakje in en verwerk ik de platen.
    Matthias:
    Ik zou het niet beter kunnen verwoorden.


    Kun je stapsgewijs het proces van schets tot definitieve tekening laten zien?
    Zie het stuk storyboard en de half afgewerkte pagina die we doorgestuurd hebben. Dat zou hopelijk toch wat duidelijkheid moeten geven.


    Hoe sta je in de stripwereld?
    Peter:
    Ik ga de laatste tijd wat meer naar beurzen omdat we er zelf zitten met Commissaris Moordenaar natuurlijk. Ik ben in heel wat strips geïnteresseerd en lees wel wat af. Ik koop geen stapels maar heb al wel twee smalle kasten vol. Er staat hier ook nog een verzameling Robbedoes Verzamelalbums vanaf het jaar 1976 tot wanneer de laatste verscheen. Ook nog wat losse nummers ertussen… ik kan er geen afscheid van nemen. Ik las dit stripweekblad al van toen ik 7 jaar was, nooit echt gestopt eigenlijk. Ik ben opgegroeid met Yoko Tsuno, De Blauwbloezen, Guust Flater en alle geweldige reeksen die in dat blad stonden. Kuifje was ook interessant vanwege Robin Hoed, Dommel en Thorgal maar je blijft toch trouw aan je eerste ontdekking. Van Eppo heb ik een aantal jaargangen gekregen dankzij een vriend en ik heb vorig jaar eens een halfmaandelijks abbonnement cadeau gekregen van het heropgestartte blad. Ik koop trouw alle strips van Leo en nog een stuk of wat reeksen zoals De Grote Dode, Alleen, Robbedoes, Blake en Mortimer. Toch vaak ook klassiekers.
    Een strip moet voor mij vooral leesbaar zijn. Dat is het charmante en magische van strips, dat je met stilstaande beelden toch beweging, tijd en avontuur kunt suggereren. Strips die te arty farty zijn, niets op tegen, grafisch boeiend, kunst enzo, fijn! Maar de esthetische ervaring kan soms toch serieus op mijn zenuwen werken. Als ik zoiets op een intense manier wil ervaren krijg ik na 10 bladzijden steevast hoofdpijn. Net alsof je in een grote kunstbeurs rondloopt, je kan het op de duur niet meer assimileren. Te veel esthetisering en beeldende informatie en dan moet je nog het pseudo intellectuele en nihilistische verhaal proberen te appreciëren. Dus schiet zo’n strip voor mij wel zijn doel voorbij. Vaak werken de tekeningen van een arty farty strip wel als apparte illustraties maar als strip hou ik er niet van. En nee, ik geef geen voorbeelden van hedendaagse overgehypte kunst-strip auteurs. Ze weten zelf wel hoe ongelukkig ze zijn om te voldoen aan de verwachtingen van een beperkt groepje stijl-meubeladepten die zichzelf tot stripkenner verklaard hebben. Ha!
    Matthias:
    Kunstenaars die ik bewonder komen bij mij ook meestal uit de oude stal. Ik had mijn wekelijkse Kuifje, mijn broer had een abonnement op Robbedoes, en mijn oudste broer kocht regelmatig Wordt Vervolgd/A Suivre, het eerder volwassen stripblad, waarin ik met rode oortjes vluchtig zat te bladeren, bang om betrapt te worden. Met die 3 tijdschriften hadden we dus een massa aan uiteenlopende stripreeksen voor handen. Mijn collectie, een goede stripkast vol, bevat dus voornamelijk stuff van Lombard, Casterman en Dupuis: Rosinski, Hermann, Dupa, Gregg, Cosey, Derib, Franquin, Tome en Janry, Herge... Later zijn daar Loisel en de Onnoembaren bijgekomen. Op rommelmarkten zoek ik vooral naar oude Nero’s en Kapoentjes-uitgaven van Hurey. Het voelt vreemd aan dat al die auteurs waarmee ik opgroeide, een voor een er het loodje bij neer leggen.Wat ook vreemd aanvoelt, maar ook aangenaam, is dat ik op beurzen nu aan de andere kant van de tafel zit. Hoeveel uren van mijn jonge bestaan heb ik niet gespendeerd aan het aanschuiven bij tekenaars voor een handtekening op bijv. de Stripdriedaagse van Breda?... Ik heb er een vrij mooie collectie aan overgehouden.


    Kun je iets over de geschiedenis, ontwikkeling en toekomst van Commissaris Moordenaar vertellen?
    Peter:
    Alles begon met die ene samenklontering van levenspaden. Ik had in een aantal kunstacademies het striptekenen opgestart voor jongeren van 14 en daar verscheen Matthias die mijn collega leraar werd! Ik stelde hem voor om samen een strip te tekenen. Namelijk een detective over een Commissaris die Moordenaar heette, een talantvolle commissaris maar eentje die psychopaat wordt als hij in aanraking komt met look. Matthias had zijn twijfels over het project, bekende hij me later maar de trein van de vruchtbare samenwerking vertrok en stond nooit meer stil!
    Matthias:
    Toen het project van 120 platen na een drietal jaar afgewerkt was schreven we 15 uitgeverijen aan maar vermits we volgens sommigen nergens inpasten vonden we geen gehoor. Toen besloten we het kleinood zelf aan de man te brengen en brachten we de strip uit op een beperkt aantal exemplaren. Na enkele maanden was alles weg en de reacties bleven niet uit. Mensen waren gefascineerd door de Commissaris, vonden hem zelfs sympathiek. Een mengeling van Monty Python, Urbanus en het archief van een psychiater. Een uitgeverij is nog altijd welkom! Hallooooo, halloooo heren en dames uitgeeeeeevers!!! Ons boekje VERKOOOOOOOOOPT!!!!! Of is dat heden ten dage geen argument meer? Afijn, met die brave mensen weet je maar nooit. De strip is ondertussen ook aan uitgeverij BLLOAN gestuurd. Heel benieuwd naar hun reactie!
    Peter:
    En nu de primeur: we zijn al 20 pagina’s verder in COMMISSARIS MOORDENAAR 2: PARKET NAAR DE MAAN. En het ziet er nog beter uit. Toegegeven, in deel 1 zie ik mij soms nog zoeken en proberen, de grafische kwaliteit van de 2e strip van de Commissaris is verbeterd. Dat is erg motiverend om door te gaan en de verhalen zijn nog niet opgedroogd... Dus aan de Commissaris komt nog geen eind.


    Jullie samenwerking is eigenlijk een soort studio-werk, klopt dat?
    Peter:
    Het is een beetje organisch gegroeid, in de eerste dertig pagina's van de Commissaris was het voorzichtig aftasten en tegelijkertijd experimenteren, later werd alles erg vanzelfsprekend. Het is inderdaad even wennen om op een plaat te werken waar iemand anders ook zijn ding doet. We zijn eigenlijk nogal mild voor elkaars inbreng, meestal zijn we erg tevreden over elkaars bijdrage. Maar als er iets fout zit zeggen we het ook hoor.


    Wat is jullie relatie: vrienden, collega's...?
    Peter:
    Onze samenwerking overstijgt wel het collega gevoel. We zijn dikke maten hé. Schoon, schoon… Een warme vriendschap als het ware.
    Matthias:
    Zo is dat (trillende onderlip).


    Waar zijn jullie momenteel mee bezig?
    Peter:
    De hamvraag!
    Commissaris Moordenaar Deel 2
    De herfstman. Een verhaal waar ik al drie jaar aan sleutel en waar ik regelmatig met mijn ouwe vriend Christian Verhaeghe (striptekenaar van de Schemerzwervers enz...) overleg over de scenario’s. Christian ken ik al 22 jaar en voor hij striptekenaar werd hadden we samen al 5 of 6 scenario’s gemaakt voor kortfilms. Ook heb ik nog een sci fi verhaal liggen dat eens moet afgewerkt worden… nog geen titel… Wel al dertig platen.
    Matthias:
    Naast deel 2 van Commissaris Moordenaar ben ik met nog 2 andere projecten bezig: De Metamorfisten, een stopstrip dat je ook als 1 kortverhaal kunt lezen. Pure waanzin, maar ik amuseer me er rot mee. Het gaat over een drieling die om een of andere manier in elke strook een andere gedaante, een andere verschijning aangemeten krijgen. Een reactie eigenlijk op het verschrikkelijk vervelende stripregeltje dat de held in elk prentje er min of meer hetzelfde moet uitzien. Momenteel vang ik bot in België (die zijn hier te druk bezig met hun Graphic Novels: "Vandaag heb ik in mijn broek gekakt. Een gevolg van mijn traumatische jeugd. Laat ik daar maar eens een strip van 640 pagina’s in stemmig zwart-wit rond maken!)... Misschien gaan de Ollanders wel voor de bijl. Een tweede groots project gaat over een zekere Jean-Baptiste Chaveaux, een seinwachter in Sinaai, mijn geboortedorp. Volledig in potlood, op groot formaat, weet nog niet waar dat heen moet...".


    En wat doen jullie verder?
    Peter:
    Ik geef 28 uur les per week, neem sporadisch eens een opdrachtje aan maar heb er geen tijd voor. Ik teken overal wat, ik heb een plaatsje op zolder maar teken even goed op de keukentafel als in de trein.
    Matthias:
    Als freelancer heb ik toch serieus wat cartoons en illustraties bijeen getekend, soms goed betaald, soms voor een appel en een ei, maar ondertussen ben ik zowat overal buitengebonjourd... Gelukkig is er het onderwijs. Thuis tekenen gaat tegenwoordig wat moeizamer met een pagadder van 20 maand...


    Wat doe je als je niet aan het tekenen bent?
    Peter:
    Luiers verschonen. Niet dansbare electronische muziek maken, experimenteren met synthesizers. Les geven (brood op de plank). Op dit moment de fantastische Doctor Who aan het ontdekken.
    Matthias:
    Idem wat betreft de luiers. En muziek beluisteren, veeel muziek; mijn tweede liefde.


    "Peter stampte in West Vlaanderen drie stripopleidingen uit de grond". Hoe doe je dat toch naast je muziek en striploopbaan?
    Peter:
    In de mate van het mogelijke efficiënt werken en weinig plaats maken voor sociale momenten met derden.


    Kun je dat nader illustreren?
    Peter:
    Uiteraard, in het begin der tijden had je niets! Maar vanaf 1994-95 kon ik samen met de directie van het ZAtelier Voor Plastische Kunsten in Wevelgem een afdeling striptekenen opstarten en dat voor leerlingen vanaf 14 jaar. Dat was van in het begin een behoorlijk succes. In 2002 kon ik dezelfde stunt herhalen in de kunstacademies van Kortrijk en Tielt en daar moest ik dan een compleet dossier voor in elkaar steken. Samen met mijn geniale vriendin die geweldige schrijf- en analytische kwaliteiten heeft. Enfin, dit werd door de wijze heren en dames van het departement onderwijs in Brussel goedgekeurd en zo is striptekenen al 8 jaar een onderdeel van het aanbod in die academies (en in Wevelgem waar het allemaal begon.). Nu ik er over nadenk, eigenlijk had je wel een stripopleiding op hogeschool niveau, nouja niet echt... in de afdeling functionele grafiek in het Sint Lukas te Gent had je het vak striptekenen. Ik zat in 1992 als laatstejaars in de afdeling decorbouw en heb daar dan enkele lestijden strip meegemaakt. Dat heeft het zo wat getriggerd denk ik. De tekenaar Ferry gaf daar les en dat inspireerde me om striptekenen op te richten, enkele jaren later. Het mooie is dat ik in de academie van Kortrijk dan de weledele Matthias Cruyssaert heb ontmoet en dat een avontuur: Commissaris Moordenaar daar geboren is.


    Anecdotes?
    Peter:
    Anecdotes e.d. Euh, eigenlijk niet, behalve dan dat het striptekenen nog lang niet op zijn gat ligt, er is veel vraag naar. Jongeren zijn nog altijd geïnteresseerd.


    Echt waar?
    Peter:
    Ja. Striptekenen oefent duidelijk een aantrekkingskracht uit op jongeren, maar het is op een totaal andere manier dan hoe wij dit ervaren. Wij hebben een leeftijd die rond de veertig draait en we zijn opgegroeid met de Dupuis stal, Lombard, Casterman en Dargaud strips, giet daar nog wat Sus en Wis en Jommeke over en dat is het dan. De leerlingen striptekenen hebben een heel wat armere traditie op het gebied van strips. Sommigen kennen de ‘grote namen’ wel van horen zeggen maar de meeste horen het in Keulen donderen als je spreekt over Franquin of Cauvin.
    Heel veel jongeren tekenen in een manga stijl, vlijtig geleerd uit boekjes van uitgeverij Librero. Heel wat meisjes tekenen van die manga homo's die er afgrijselijk feminien uitzien. We tonen vaak en met veel enthousiasme strips uit de jaren zeventig, tachtig en negentig maar merken dat dit niet erg aanslaat. De studenten zijn vooral erg tekenfilm-gericht. Jaja, de klassieke stripliefhebber is een uitstervend ras. Er is wel een beperkt publiek dat gaat voor de arty-farty strip maar soms is dat een beetje ongewild. Sommige leerlingen hebben nu eenmaal een erg kunstige manier van werken.Of komen uit de meer artistiekerige richtingen voor ze aan striptekenen begonnen. Maar gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel, er zit nog talent in Vlaanderen. Sommige jongeren tekenen na een paar jaar toch met een zwierigheid en een eigen stijl waar we alleen maar goedkeurend kunnen bij grommen.


    Die plaat met dat meisje en de ‘bibliotheek’ is erg mooi gedaan. Waar gaat het verhaal over. De sfeer is duidelijk een ‘Graphic Novel-sfeer’...
    Peter:
    Een surrealistisch verhaal waar droom en realiteit genadeloos in elkaar vloeien. Inspiratie was mijn vriendin die in een of ander archief lomp behandeld werd door een archivaris, een kerel die met iedereen de vloer aanveegde en waar je al blij mocht zijn als hij je zuchtend hielp. Ik heb daar een zeer kwaadaardige geest van gemaakt. Elk personage in de strip vertegenwoordigt een element. Vuur, water, aarde of lucht... Alles draait rond een boek dat iedereen persé hebben wil: Het boek van de vier elementen... Dit verhaal was een experiment. Ik heb namelijk gewerkt zonder scenario, puur op intuïtie. Toen het af was besloot ik nog een paar stukjes in te voegen en heb ik een paar overbodige tekeningen weggeknipt.


    Wat betekent StripSter voor je?
    Peter:
    Ik kijk naar het Commentaar, natuurlijk en StripSter is een uitstekende manier om een publiek te bereiken. Blogs volg ik niet… Ik hou niet zo van Blogs, de klank alleen al… BlOOgggss, precies een koe die uiteenspat.

    ©Foto onder: Olga Ooms.


    peterbrutin.webs.com


    © 2012
    Santiago Martín / StripSter
    2012-02-27
    http://www.stripster.net/?/scripts/n_interviews.php?id=41&titel=interview met Brutin & Cruyssaert