--> index De Stripper  --> inhouds-opgave

De Stripper 44



januari 2000



Gestript

Het was een harde vergadering. Spreuken als "minder er omheen draaien" en "to the point" passeerden de revue. Kritiek spuien waar het nodig is en pluimen uitdelen waar ze tot hun recht komen. Na ruim 4 uur verlieten alle redactiemedewerkers het pand weer. Ze waren er uit. Het moest dus harder en confronterender worden, zodat de Stripper-tekenaars in kwestie er meer van zouden opsteken. Bij deze, een nieuwe Gestript.

In de vorige Stripper stond in de rubriek Gestript te lezen dat Roy Spraakman een grap van Gerrit de Jager zou hebben hergebruikt. Deze opmerking is te voorbarig geweest. We geven toe dat we als redaktie verzuimd hebben na te gaan in hoeverre deze stelling al dan niet gegrond was. We hebben, net als Roy zelf, de 'Doorzon'-pagina erbij gehaald en moeten constateren dat de enige overeenkomst tussen beide strips het onderwerp Roodkapje is. Onze excuses hiervoor aan Roy. We zullen erop toezien dat we secuurder met dergelijke uitspraken om zullen gaan.

Soms komen er strips op de redactie binnen waar we weinig mee hebben. 'Tante Bet' van Anja ®anja is zo'n strip. Er zat weinig expressie in de figuurtjes en het tekenstijltje was niet overtuigend. Dat kan gebeuren en is op zich geen ramp, maar als de gehoopte dijenkletsers dan ook nog uitblijven, verslapt de aandacht al snel. Wellicht dat de grap bij beide stroken in het vierde plaatje zat. Maar die gaat toch wel min of meer verloren als je er maar drie tekent. Misschien zijn dit soort strips niet aan ons besteed, maar we denken dat Anja meer succes zal boeken door langer over grappen na te denken en hoe deze in beeld te brengen. Een voorschetsje kan geen kwaad.

Dat de HEAO een goede kweekschool is voor strip(per)tekenaars was al lang op de redaktie bekend. Michiel van Geene hoort ook bij dit clubje met leden als Jan Dirk Barreveld (iemand die maar geen genoeg schijnt te krijgen van deze opleiding) en ex-HEAO-er Michiel van de Vijver. Naamgenoot Michiel van Geene heeft nog wat te leren; al ziet het stripje er op het eerste oog leuk uit. Maar bij nadere bestudering klopt er toch een aantal dingen niet, zoals het touw van de boog in het vierde plaatje (dat touw loopt achter de arm langs!) en de overdreven grote handen van de figuren. Wat het meest stoort, is het één na laatste plaatje. Daarin lijken die horizontale lijnen een horizontale beweging te suggereren, terwijl de pijl van onderen komt. Het leidt de aandacht af van de beweging. Tot slot een korte opmerking over zijn tag in het laatste plaatje: AARGH!

Wat we zien bij menig Stripper-tekenaar, is dat ze weinig variëren met de lijndiktes, wat resulteert is een 2-dimensionaliteit. Hoe moet het dan wel? Kijk naar Jan Dirk Barreveld, maar dan vooral naar zijn zeer professionele stripjes. De grappen worden goed opgebouwd, de tekeningen zijn zeer sterk, grafisch verantwoord en retestrak. Het is vrij simpel getekend, maar toch zit er een solide basis onder. Al doet hij er ook heel lang over, het resultaat is er dan ook naar. Eigenlijk zouden alle Stripper-tekenaars zo met hun werk om moeten gaan!

Paul de Vreede verzorgde een cartoon rond een restaurant. Het ober-er-zit-een-vlieg-in-mijn-soep-gehalte straalt er vanaf, maar eigenlijk is ie toch wel leuk. Tekentechnisch is er hier en daar wel wat op aan te merken. Waar zijn bijvoorbeeld de pupillen van de klant? Het is juist cruciaal dat het figuurtje naar buiten kijkt, richting de ober die ergens buiten het plaatje zwerft. Ook zou Paul wat meer met diktes van de lijnen kunnen experimenteren, met enige oefening zal de inkting de tekening verlevendigen. Gebruik hiervoor eens een tekenpen of een penseel. De zwart-wit verdelingen zijn ok. Laatste opmerking: oppassen met de Barbapappa-letters in de balloons!

De achterpagina werd de vorige keer opgesierd door 4 stroken van Robby van der Meulen. De grapjes zijn aardig en de figuurtjes acteren al goed. Een klein punt van bezwaar is dat de gezichtjes van de verschillende figuurtjes qua opzet veel op elkaar lijken. Als Robby wat andere basisvormen dan cirkels zou nemen (zoals driehoeken, eivormen of aardappelvormen), zal hij op originelere en leukere hoofdjes komen. Wat ook opvalt is het feit dat hij consistent de oogjes van de figuurtjes aan elkaar laat plakken. Het is toch wel mooier om de ogen los van elkaar te maken, dan acteren ze wat lekkerder. Wat er al goed uitziet is de lichaamstaal van zijn figuurtjes.

Het was even wennen, Michiel van de Vijver die niet eens grappig probeert te zijn, maar quasi poëtisch. De strip was gemaakt op de letterlijke tekst van zijn favoriete nummer van de Britse band Pulp. Het verhaal gaat over klassenverschillen in Engeland, maar uit de tekst wordt dat niet duidelijk. De eerste reactie was dan ook: Michiel tekent leuk, maar vertelt een tragisch verhaal. Hij moet maar weer snel moppen gaan tappen.


© de Stripper (2000)
Henk Schouten / StripSter
01-07-2000