De Stripper 41
juli 1999
Op bladzijde 17 van de vorige Stripper heb ik een dode vlieg gevonden. Hij lag op zijn rug midden tussen de stippeltjes van een raster, met zijn zes pootjes in de lucht. Heel stilletjes heb ik geprobeerd te luisteren, maar tot mijn verdriet had hij al lang te voren zijn laatste adem uitgeblazen. Hij was uit zijn leven weggerukt, halverwege het verhaal van 'Ad Fundum'. Toen ik hem onder een vergrootglas bekeek zag ik gelukkig een grote vliegenglimlach rond zijn mond. Wat is nu de moraal van dit verhaal: als je deze zomer noodgedwongen een vlieg dood moet slaan, neem dan even de moeite om dit met een Stripper te doen. Speciaal voor deze vlieg Gestript.
![]()
Mooie dingen zijn zeldzaam. Zo ook de stripjes van
Jan Dirk Barreveld. We moeten het doen
met één strookje in de twee maanden, alsof de stripjes op de bon zijn. Maar toch
kom ik er na twee maanden steeds weer achter dat ik dat ene strookje nog niet helemaal uit heb.
Van de grap alleen al geniet ik vaak een weekje, van de lijnvoering ook nog eens zeven dagen,
om nog maar te zwijgen over de typering van de karakters. Voor diegene die toch meer
'Barreveld' willen heb ik goed nieuws: volgens Stripschrift tekent ook zijn broer 'Jan van
Barreveld' voor ons! |
Knip de strip van Frank Smit uit, plak de
plaatjes onder elkaar vast op een strook zwart papier, teken aan beide kanten kleine witte
vierkantjes en klaar is je eigen 'Reinste kolder'-tekenfilm. Het statische camerawerk en de
minimale tekst doen me denken aan de tijd van de stomme film. Wat bij de stomme strip van Frank
Smit wel ontbreekt, dat zijn de achtergronden, terwijl die de pagina nog aantrekkelijker hadden
kunnen maken. Hierbij denk ik dan niet aan een lijntekening op de achtergrond, maar eerder aan
een op de computer bewerkte foto. Een klein puntje van kritiek kwam ook binnen op de kwaliteit
van de kopie, van deze en andere strips. "Het is net alsof ze vanuit Siberië zijn
gefaxt!", schreef een kritische lezer. |
![]()
'Mbulu-Ngulu' is niet opgenomen in de bundel 'Monotonos' van
Albert van Nood. De reden hiervoor is
misschien dat de titel 'Monotonos' dan niet meer de inhoud zou dekken, want 'Mbulu-Ngulu' is
anders dan de andere strips in het album. Het verhaal heeft duidelijk een kop en staart,
close-ups zorgen voor leuke afwisseling en de zwart-wit verdeling is mooi en evenwichtig. Ik
zou je wel aan willen raden om wat extra zorg te besteden aan de lettering, als onderdeel van
de gehele afwerking. Je hebt nu kunnen zien hoe mooi onze computerletters bij de strip
pasten. |
Van de 16-jarige Jeroen Verdonschot
ontvingen wij de strip 'Hondenleven'. Met behulp van een rastertje heeft hij hem omgetoverd tot
een krantenstripje-in-de-dop. De chagerijnige zwerver en zijn betweterige hond vormen een goed
duo, waarmee veel grappen te verzinnen zijn. Waar nog wel wat aan te verbeteren valt dat is het
tekenwerk. Een lezer schreef dat het net was of er gebruik gemaakt werd van een stempeldoos;
wat meer variatie in houdingen en uitdrukkingen is dus welkom. Probeer ook eens met een ander
materiaal te tekenen dan een fineliner. Een kroontjespen heeft bijvoorbeeld het voordeel dat je
er dikke en dunne lijnen mee kunt maken, door harder of zachter te drukken. Neem tenslotte eens
wat stripboeken van bijvoorbeeld 'Heinz' of 'Sigmund' erbij en teken hiervan enkele strookjes
tot in de details na. En als je dat allemaal gedaan hebt, stap dan naar de Leersumse
daklozenkrant toe om te vragen of ze de strip willen publiceren. En indien Leersum geen
daklozen heeft... |
Jasper Vink tekent alles alsof hij er zelf
bij is geweest, zo gedetailleerd en nauwkeurig. Bij zo'n woestijn lukt mij dat ook nog wel,
maar bij zo'n zeegezicht ligt dat al wat moeilijker. Waar ik wel kritiek op durf te leveren dat
zijn de dialogen in het verhaal. Op het ene moment vraag ik me af of de informatie wel
noodzakelijk is, terwijl ik op andere momenten het gevoel heb dat er te weinig verteld wordt.
Neem bijvoorbeeld de ruzie: die zou wat mij betreft wat verder uitgebouwd mogen worden voordat
ze met elkaar op de vuist gaan. Het komt wat ongeloofwaardig over dat ze elkaar na twee
plaatjes al in de haren vliegen. Ook enkele close-ups van de gezichten zouden aan de opbouw bij
kunnen dragen; nu kijk je vaak tegen de achterkant van de gezichten aan, waardoor je de mimiek
mist.
| |
© de Stripper (1999)
Henk Schouten / StripSter
01-07-2000